BREEAM-NL en mobiliteit: verduurzaam gebouw én woon-werkverkeer

Breeam: instrument om integraal de duurzaamheid van gebouwen te meten en te beoordelen

BREEAM-NL is een beoordelingsmethode om de duurzaamheidprestatie van nieuwe gebouwen, bestaande gebouwen, gebieden en sloopprojecten te meten en te beoordelen. En dit heeft méér met mobiliteit en transport te maken dan u denkt!

Wat is BREEAM?

BREEAM-NL - DGBC
BREEAM staat voor Building Research Establishment Environmental Assessment Method en werd oorspronkelijk ontwikkeld en geïntroduceerd door het Building Research Establishment (een soort Britse TNO). De Dutch Green Building Council heeft deze richtlijn geschikt gemaakt voor de Nederlandse markt en de BREEAM-NL keurmerken geïntroduceerd. De methode omvat verschillende keurmerk-varianten, voor specifieke doeleinden:

  • BREEAM-NL Nieuwbouw en Renovatie: dit keurmerk wordt gebruikt om de duurzaamheidprestatie te bepalen van nieuwe gebouwen.
  • BREEAM-NL In-Use: dit keurmerk beoordeelt bestaande gebouwen op drie niveaus: gebouw, beheer en gebruik.
  • BREEAM-NL Gebied: dit keurmerk beoordeelt de duurzaamheidprestatie van een gebiedsontwikkeling.
  • BREEAM-NL Sloop en Demontage: dit keurmerk beoordeelt de duurzaamheid van sloopprojecten.
  • BREEAM-NL ‘Bespoke’: voor maatwerktrajecten bij gebouwen die niet in de bovenstaande categorieën vallen.

Waarom met mobiliteit aan de slag tijdens BREEAM-traject?

Bedrijven die aan de slag gaan met BREEAM krijgen op verschillende manieren met mobiliteit te maken, bijvoorbeeld omdat er bij in-use uitgebreid geïnventariseerd moet worden welke voorzieningen voor fietsers, voetgangers en automobilisten er zijn en welke OV- en andere voorzieningen er in de buurt zijn (zie TRA01 t/m TRA04, TRA101 en TRA102 hiernaast). Hoewel het voorzieningenniveau natuurlijk (vrijwel) altijd ruimte voor verbetering laadt, is iets als de nabijheid van voorzieningen (bushaltes, winkels, etc) toch meer als een vast gegeven te zien.

Interessant wordt het vooral op het moment dat er verder wordt gekeken naar het gebruik van het pand. Hier vinden we meer BREEAM-onderdelen die op een beleidsmatige manier te beïnvloeden zijn en die meestal direct het gedrag van uw medewerkers raken (zie TRA05, TRA06 en TRA08 t/m TRA12 hiernaast).

Dus alleen al om ‘punten te scoren’ in het BREEAM-model is het belangrijk kritisch te kijken naar de mobiliteit en in het bijzonder de woon-werkverplaatsingen van uw organisatie. Daarnaast: Ook BREEAM is geen doel, maar een middel en het achterliggende doel is duurzaamheid. Wist u dat vaak zo’n 60% tot 80% van de CO2-footprint van een organisatie voortkomt uit mobiliteit? En dat het vervoer van en naar het pand er dus vanuit duurzaamheidsperspectief uiteindelijk méér toe doet dan de fysieke eigenschappen van datzelfde pand?

Mobiliteitsbeleid en Huisvestingsbeleid hebben inhoudelijk meer raakvlakken dan op het eerste gezicht lijkt: Goed om laadpalen neer te zetten bij het pand, maar het heeft pas zin als het leasebeleid hier ook op aansluit. Mooi om ambitieus fietsbeleid in te voeren, maar zonder goede stallingsvoorzieningen bereik je niet je doel. En hoeveel parkeerplekken heb je minder nodig als je slimmer OV-beleid ontwikkelt?

Ons advies: vul de mobiliteitscriteria van BREEAM niet in ‘voor de bühne’, maar grijp een BREEAM-project aan om kritisch naar beleid, maatregelen en cultuur en gedrag te kijken dat bijdraagt aan duurzame mobiliteit naar een duurzaam gebouw.

Hoe met mobiliteit aan de slag tijdens BREEAM-traject?

Als u aan de slag wilt met het woon-werkverkeer van uw medewerkers, begin dan met het in kaart brengen van de verplaatsingen in het kader van het woon-werkverkeer (TRA10). Een goede mobiliteitsscan is hiervoor een goed vertrekpunt. Een vervolgstap is het stellen van doelen op het gebied van mobiliteit (TRA09) en het spelen met beleid (TRA05 en TRA06) om de gestelde doelen te halen. Een interactieve mobiliteitsscan biedt hiervoor goede handvatten. Het laat zien welk fietspotentieel reëel is in het woon-werkverkeer, maar ook wat u met thuiswerkbeleid (TRA06) kunt besparen. Het brengt in kaart voor hoeveel van uw medewerkers OV een acceptabel alternatief is, gegeven de kaders van uw eigen HR-beleid. De uitkomsten (bijvoorbeeld rondom het voorkómen van vervoer en het voorkómen van autogebruik) hiervan kunt u direct opnemen in het BREEAM-vervoersplan (standaard onderdeel van TRA05).

Wilt u kennismaken met de meest interactieve mobiliteitsscan van Nederland? En zelf spelen met uiteenlopende mobiliteitsvariabelen, bekijk dan onze demo-omgeving of neem direct contact op met MobilityLabel

demo meer info

BREEAM-NL en mobiliteit

Mobiliteit (in BREEAM-termen wordt altijd over ‘transport’ gesproken) neemt een steeds belangrijkere rol in bij duurzaamheidstrajecten voor gebouwen. Logisch, als je bedenkt dat in het gebruik van een gebouw de mobiliteit vaak verantwoordelijk is voor 50 tot 75% van de totale footprint. Het gaat hierbij om het invoeren van beleid waarmee de impact van transport en de nabijheid van basisvoorzieningen zichtbaar wordt, en waarmee het gebruik van alternatieve transportvoorzieningen wordt gestimuleerd.

BREEAM-NL In-Use bestaat uit drie onderdelen: asset (beoordeling van de inherente eigenschappen van het gebouw op basis van zijn geometrie, constructie, installaties, inrichting en afwerking), beheer (beoordeling van het management, het beleid, procedures en de praktijk voor de werking van het gebouw, de consumptie van de belangrijkste bronnen, en de milieu-impact, zoals CO2) en gebruik: (beoordeling van het inzicht in en de uitvoering van het beleid, de procedures en de praktijk; de personele inzet en het leveren van de belangrijkste output gegevens van de gebruiker). BREEAM-NL In-use kent de volgende duurzaamheidscriteria op het gebied van mobiliteit:

  • TRA01 Voorzieningen voor fietsers (stallingsplaatsen, kleedruimten en douchevoorzieningen)
  • TRA02 Nabijheid openbaar vervoer (loopafstand tot OV-verbinding en frequentie hiervan binnen en buiten de spits)
  • TRA03 Nabijheid basisvoorzieningen (aanwezigheid van basisvoorzieningen zoals kantine/lunchroom/supermarkt binnen 500 meter loopafstand)
  • TRA04 Veiligheid fietsers en voetgangers i.v.m. leveringen (veilige scheiding tussen routes voor voetgangers en fietsers en de leveranciersingangen en -routes op het terrein)
  • TRA101 Beperken parkeren (het hebben van parkeerbeleid op de betreffende locatie gericht op het verminderen van het autogebruik en/of betaald parkeren)
  • TRA102 Alternatief vervoer (het hebben van laadpalen voor elektrisch auto’s en faciliteiten voor het gebruik van carpooling of autodeling)

Voor wat betreft het gebruik van het pand maakt BREEAM-NL daarnaast gebruik van de volgende mobiliteitsgerelateerde duurzaamheidscriteria:

  • TRA05 Transport, reductie/registratie milieu-impact (het reduceren/beheersen van de milieu-impact van de vervoersstromen van klanten/bezoekers, leveranciers en medewerkers)
  • TRA06 Transportmanagement, beleid (dit betreft uiteenlopende maatregelen gericht op het beperken van het milieueffect van vervoersbewegingen, zoals: een mobiliteitsbudget, video-conferencing, thuiswerken, shuttle-bussen, carpoolregeling, leenfietsen, etc.).
  • TRA08 Lokale voorzieningen (het stimuleren van het gebruik van nabij gelegen voorzieningen, om zo extra reizen te voorkomen).
  • TRA09 Transportbeleid, resultaten (het zekerstellen dat mobiliteitsdoelstellingen zijn behaald, waardoor nieuwe doelen kunnen worden gesteld)
  • TRA10 Woon-werkverkeer afstanden medewerkers (het meten van de jaarlijks afgelegde afstanden of CO2-emissie voor woon- en werkverkeer door de medewerkers, en met dit inzicht mogelijk maken dat er kwantitatieve doelstellingen worden vastgesteld.)
  • TRA11 Milieubelasting transport bedrijfsvoering (het registreren van de jaarlijks afgelegde afstanden of CO2-emissie voor zakenreizen, om kwantitatieve doelstellingen vast te kunnen stellen.)
  • TRA12 Milieubelasting goederentransport (het registreren van de jaarlijks afgelegde afstanden of de CO2-emissie voor goederentransport, om kwantitatieve doelstellingen vast te kunnen stellen.)
BREEAM en mobiliteit

Aan de slag met een mobiliteitsscan

Wilt u een goed beeld krijgen van de emissies, reistijden en verbeterpotentieel van uw huidige mobiliteitsaanpak, dan is een mobiliteitsanalyse van MobilityLabel een goede keus. Op basis van uw medewerkersbestand, krijgt u een kwantitatieve en gevisualiseerde analyse van het woon-werkverkeer van uw medewerkers: In een spreidingsdiagram ziet u de geografische spreiding van de woonadressen van uw medewerkers. In een aparte woon-werk-visualisatie ziet u de verschillende routes die voor uw medewerkers het snelst zijn. Tezamen geeft dat een goede indicatie van de herkomst van uw woon-werkverkeer. Daarnaast ontvangt u een reistijdenoverzicht dat van elke medewerker aangeeft wat de snelste route per auto is en per OV, zowel aangegeven per enkele reis als per week (op basis van parttimefactor of aantal kantoordagen). Vanzelfsprekend inclusief kostenberekeningen en de CO2-impact, gebaseerd op de gestandaardiseerde CO2-emissiefactoren. Tot slot geven we met onze tool ‘MobilityAnalyst’ het CO2-bespaarpotentieel van uw mobiliteit bij bepaalde scenario’s. (bijvoorbeeld: hoeveel mensen wonen in een e-bike-radius van 15 fietskilometers rondom uw kantoor? En voor hoeveel automobilisten is OV een acceptabel alternatief gegeven hun specifieke woonadres?). Hiermee is een mobiliteitsanalyse van MobilityLabel een ideaal vertrekpunt als nulmeting of quick scan van uw mobiliteitssituatie.

modern huisvestingsbeleid en mobiliteitsbeleid begint met een analyse van MobilityLabel